De opgave van Bosboom

Een aantal weken terug speelde ik in Zoetermeer een snelschaaktoernooitje. Een van de deelnemers was Manuel Bosboom. Een bijzonder intrigerende en vriendelijke man. En gek van het schaken.

Ik had in het verleden een keer tegen Bosboom gespeeld. Bij het Kaaieman toernooi lachte hij mij uit nadat ik door hem werd overspeeld in een variant van de Najdorf die toen nog niet populair was (maar ondertussen door meerdere spelers uit de top-20 is gespeeld). Triomfantelijk liet hij de eindstelling aan een collega zien, die er zelf overigens de grap niet van in zag, maar ook wist dat Bosboom er enorm van genoot.

In Zoetermeer mocht ik weer met Wit tegen hem spelen. Tegen de Gurgenidze-variant wist ik mijn voordeel te behouden totdat hij een offer pleegde dat iedereen al een aantal zetten zag aankomen. Het offer leek correct, maar na een foutje van Manuel wist ik een stuk voor te blijven. Vervolgens wist ik onder enorme druk uit alle schaakjes te lopen, maar verloor alsnog door de stand op de klok.

Het klinkt als een typische Bosboompartij en dat was het ook. Zowel Manuel als ik konden de lol er wel van inzien en Manuel gaf argeloos toe dat ik gewonnen stond. Maar veel interesseerde het 'm niet. Hij vond het offer interessant. Het ging om het spelletje tussen stelling en klok. En in dat spelletje is Bosboom een ware meester.

De pretoogjes van Manuel verschijnen niet alleen bij zijn eigen partijen. Ook bij het volgen van andere borden geniet hij duidelijk. Iedere ronde bleef hij tot het eind bij alle hogere borden kijken en besprak daarna met andere toeschouwers de rare wendingen in de partij.

In Zoetermeer werd Bosboom tweede, na Erik van den Doel en voor onder andere John van der Wiel en Jan-Willem de Jong. Na de prijsuitreiking vertrok Bosboom niet meteen naar zijn molen in Zaandam. Nee, hij stond daarna met een groepje schakers in de speelzaal rondom een bord. Allen keken ze naar het bord waarin de stukken nog in de beginstelling stonden. Bosboom met zijn pretoogjes, geregeld nippend aan een witbiertje. De rest van het gezelschap peinzend. En af en toe wijzend naar het bord. Verwarde gezichten, waar geregeld een glimlach niet kon worden onderdrukt.

Wat wilde het geval. Manuel had het gezelschap twee opgaven voorgeschoteld, beiden vanuit de beginopstelling.
1. Wit speelt 1.a3 en geeft op zet 5 mat met een toren.
2. Zwart zet Wit op zet 5 mat door middel van een promotie.

Weet jij de antwoorden?

     

Recent articles